U bevindt zich op: Home Projecten en onderzoek Mazelenepidemie

Mazelenepidemie

In mei 2013 begon een mazelenepidemie in ons land die duurde tot maart 2014. De epidemie verspreidde zich met name in gebieden met een lage vaccinatiegraad. In deze gebieden wonen veel mensen die behoren tot de reformatorische gezindte. Een deel van hen laat zich om religieuze redenen niet inenten. De discussie over het wel of niet vaccineren heeft in de media veel aandacht gekregen.

In totaal zijn er ruim 2600 patiënten met mazelen gemeld. Het werkelijke aantal patiënten was waarschijnlijker veel hoger, omdat niet alle patiënten naar de huisarts gaan. Tijdens de epidemie zijn er 182 kinderen opgenomen in het ziekenhuis en is één kind overleden aan de complicaties van mazelen.

Extra prik

Het RIVM monitorde de verspreiding van de mazelen (zie kaart hierboven) en hield nauw contact met de GGD’en. Kinderen die een verhoogd risico hebben om met mazelen besmet te raken, kregen een aanbod voor een extra vaccinatie tegen mazelen (BMR-0). Dit gold voor alle kinderen van 6 tot 14 maanden die woonden in gemeenten waar minder dan 90% van de kinderen tegen mazelen ingeënt zijn. In totaal hebben ruim 6000 kinderen de extra vaccinatie gekregen. Bekijk de oorspronkelijke grafiek met gegevens over de extra vaccinatie.

Normaal krijgen kinderen op de leeftijd van 14 maanden de vaccinatie tegen bof, mazelen en rodehond (BMR-prik) aangeboden. Als jonge kinderen op vakantie gaan naar een land waarvoor in het reisadvies een BMR vaccinatie zit, dan kunnen zij deze krijgen op het consultatiebureau. Omdat deze prik opnieuw gegeven moet worden op de leeftijd van 14 maanden, noemen we deze extra prik BMR-0. Dit gebeurt ongeveer 2000 keer per jaar. 

Meer informatie
Mazelen
Mazelenepidemie 2013-2014

 

Service